Sjabloon:1975:HI: verschil tussen versies

Uit Spelregels voor tafelarbiters
Nieuwe pagina aangemaakt met ''''HOOFDSTUK I OMSCHRIJVINGEN'''</br> ;Arbitrale score. :Een score, die de wedstrijdleider naar eigen inzicht bepaalt (zie artikel 12). ;Beke...'
 
Geen bewerkingssamenvatting
Regel 6: Regel 6:
:Een kaart spelen van de voorgespeelde kleur.
:Een kaart spelen van de voorgespeelde kleur.
;Beurt.
;Beurt.
:Het juiste ogenblik, waarop een speler mag bieden
:Het juiste ogenblik, waarop een speler mag bieden of spelen.
of spelen.
;Bieden.
1. De procedure ter bepaling van het contract door
:1. De procedure ter bepaling van het contract door middel van opeenvolgende biedingen.
middel van opeenvolgende biedingen.
:2. Het geheel van gedane biedingen.
2. Het geheel van gedane biedingen.
:3. De periode, waarin de biedingen worden gedaan.
3. De periode, waarin de biedingen worden gedaan.
;Bieding.
Elk bod, doublet, redoublet of pas.
:Elk bod, doublet, redoublet of pas.
(dummy). De partner van de leider; hij wordt blinde
;Blinde
nadat het bieden is gesloten.
:(dummy). De partner van de leider; hij wordt blinde nadat het bieden is gesloten.
Het noemen van een aantal trekken, dat men tenminste
;Bod.
bereid is in de genoemde speelsoort te maken.
:Het noemen van een aantal trekken, dat men tenminste bereid is in de genoemde speelsoort te maken.
 
;Bord.  
Bieden.
:Een wedstrijdhord, zoals dit is omschreven in [[template:1975:2|artikel 2]]; of de vier handen, zoals die oorspronkelijk zijn gegeven en in de vier vakken van het bord zijn geplaatst om gedurende een zitting te worden gespeeld.
Bieding.
;Contract.  
Blinde
:Het op zich nemen door de partij van de leider om in de genoemde speelsoort, al dan niet gedoubleerd of geredoubleerd, het aantal trekken te maken, dat in het eindbod is genoemd.
Bod.
;Conventie.  
HOOFDSTUK [
:1. Een bieding welke, door de tussen de partners gemaakte afspraak, dient om een betekenis over te dragen, die niet noodzakelijkerwijze verband hoeft te houden met de genoemde speelsoort.
OMSCHRIJVINGEN
:2. Een speelwijze van de tegenspelers, welke dient om een betekenis over te dragen, die eerder op afspraak dan op gevolgtrekking berust.
Bord. Een wedstrijdhord, zoals dit is omschreven in artikel
2; 'of de vier handen, zoals die oorspronkelijk
zijn gegeven en in de vier vakken van het bord zijn
geplaatst om gedurende een zitting te worden gespeeld.
Contract. Het op zich nemen door de partij van de leider om
in de genoemde speelsoort, al dan niet gedoubleerd
of geredoubleerd, het aantal trekken te maken, dat
in het eindbod is genoemd.
Conventie. 1. Een bieding welke, door de tussen de partners
gemaakte afspraak, dient om een betekenis over
te dragen, die niet noodzakelijkerwijze verband
hoeft te houden met de genoemde speelsoort.
2. Een speelwijze van de tegenspelers, welke dient
om een betekenis over te dragen, die eerder op
afspraak dan op gevolgtrekking berust.

Versie van 22 aug 2019 20:40

HOOFDSTUK I OMSCHRIJVINGEN

Arbitrale score.
Een score, die de wedstrijdleider naar eigen inzicht bepaalt (zie artikel 12).
Bekennen.
Een kaart spelen van de voorgespeelde kleur.
Beurt.
Het juiste ogenblik, waarop een speler mag bieden of spelen.
Bieden.
1. De procedure ter bepaling van het contract door middel van opeenvolgende biedingen.
2. Het geheel van gedane biedingen.
3. De periode, waarin de biedingen worden gedaan.
Bieding.
Elk bod, doublet, redoublet of pas.
Blinde
(dummy). De partner van de leider; hij wordt blinde nadat het bieden is gesloten.
Bod.
Het noemen van een aantal trekken, dat men tenminste bereid is in de genoemde speelsoort te maken.
Bord.
Een wedstrijdhord, zoals dit is omschreven in artikel 2; of de vier handen, zoals die oorspronkelijk zijn gegeven en in de vier vakken van het bord zijn geplaatst om gedurende een zitting te worden gespeeld.
Contract.
Het op zich nemen door de partij van de leider om in de genoemde speelsoort, al dan niet gedoubleerd of geredoubleerd, het aantal trekken te maken, dat in het eindbod is genoemd.
Conventie.
1. Een bieding welke, door de tussen de partners gemaakte afspraak, dient om een betekenis over te dragen, die niet noodzakelijkerwijze verband hoeft te houden met de genoemde speelsoort.
2. Een speelwijze van de tegenspelers, welke dient om een betekenis over te dragen, die eerder op afspraak dan op gevolgtrekking berust.